I had so much to do, so I did not have enough time to updat my blog in English. I will make a very concise description.
- Flores, Peten: a very nice hostal: Los Amigos.
-I had to wait some time for the organisation of my hiking tour to El Mirador. I would not go if there were not enough people to join me. So advertising and waiting. In between I walked several times on the peninsula oposite Flores. And I went to Tikal. Very impressive Maya site with big big temples.
- At last, on thursday we could go on our hiking tour, with the 8 of us. Julio, Michael, Jody, Jonathan, Cedric, Robert, Karly and I. Very different people, also from different countrys: Spain, Germany, France, USA and Holland.
Our guide, Raul, a small, tough guy who knew everything of the woods and of the Mayas and their sites. And Don Jose, the mules driver with our luggage.
2 days hiking to El Mirador, the biggest Maya site, lays 65 km from the nearest village, so a tough trip.
Visiting these very very big temples, the highest, La Danta, is 72 m, is an impressive experience.
The fourth day we were not able to leave because of heavy rainfall, Jeronimo was passing by. So on the fifth day we started on mules, until the first camping place and from there we hiked. The paths were very muddy and looked sometimes more like rivers than like paths. It took us 11 ours to arrive in La Carmelita again. Tired but satisfied. This experience will never disappear from my memory.
The next day I started to go for Lanquin, but on my way I changed my plans and paused in Coban. I was quite tired, the driver drove the car like crazy and I was in a time squeeze because I would meet my foster child these days and the possibility of shifting this appointment was unsure.
After Coban, not a very interesting town I went on to Salam, equally not so interesting, but at least near the meeting place with Waldemar.
From Salama I visited El Biotopo de Quetzal, and especially Los Faltas de Chilasco, the highest cascades of central America. A beautiful hiking. And at least I have heard the Quetzal singing, only I did not see him.
I am completely of the backpackers route, so now I have to speak Spanish, because noboduy here speaks English. The type of contact is also rather different, not touristic any more.
Thursday, July 1, 2010
Salama via Coban
Ik was aan het proberen om de afspraak met mijn Foster kind, via Plan, Waldemar, die op 1 juli gepland staat een dag naar achter te verschuiven. Dat viel niet echt mee door een lastige communicatie. Dus verder plannen van deze week werd een beetje lastig. Als het zou lukken zou ik nog net een dag in Semuc Champey en Lanquin kunnen doorbrengen. Maar goed ik ben dus in de shuttle gestapt en op wweg naar Lanquin. De chauffeur reed crazy over slechte wegen, we zaten opgesloten als haringen in een ton en de chauffeur gaf ons nauwelijks gelegenheid de benen te strekken, zelfs niet toen we voor een veerpont stonden te wachten en ik was behoorlijk moe nog van de wandeling. In Coban, na 4 uur, heb ik dus maar besloten om deze reis die nog 2 uur extra zou duren te onderbreken en even rust te nemen. Ik was drijfnat en misselijk, dus mijn conditie was niet opperbest. In het hotel waar ik aankwam bleken ze tijdelijk geen water te hebben, de gemeentelijke voorziening was stuk. Er werd water met trucks aangevoerd. Wasserijen deden het dus ook niet en dat is na zo een wandeltocht een eerste levensbehoefte, ik stonk als de hel. Gelukkig had ik nog wel wat schoons bewaard, maar daar komt ook een einde aan.
Verapaz was na de Spaanse inval in het land erg weerbarstig en de Spanjaarden konden het Achi-Maya volk wat hier woonde niet onder de duim krijgen. Fray Bartolome de Las Casas, de apostel van de Mayas heeft dat werk voor elkaar gekregen door gewoon vriendschap met ze te sluiten, ze te Kerstenen en vervolgens over te leveren aan de macht van de Spanjaarden, als makke schapen, zou ik zeggen. De provincie heet Verapaz, echte vrede, naar deze actie. Alles hier, hotels restaurants e.d., staat in het teken van monnikken.
Coban is geen wereldschokkende stad, dus ben ik de volgende dag verder gereisd naar Salama, nog minder wereldschokkend, maar de plaats waar de ontmoeting met Waldemar gaat plaats vinden. Inmiddels heeft Plan akkoord gegeven op vrijdag als ontmoetingsdag.
Woensdag ben ik in Salama aangekomen, het eerste beste hotel dat me geschikt leek heb ik maar genomen, dit keer met wat uitgebreidere luxe, eigen badkamer. Samen met de eigenaar ben ik op zoek gegaan naar informatie hoe ik deze twee dagen door kan brengen. Het is woensdag feestdag, dus info is gesloten. We komen aan bij Francisco Guzman een muziek leraar, speciaal op de marimba, natuurliefhebber, gids, medeoprichter van de Biotopo de Quetzal etc. etc. Een bijzondere man. Hij laat ons genieten van zijn marimba muziek kennis en natuurkennis en adviseert mij om naar Las Faltas de Chilasco te gaan, de hoogste watervallen van midden Amerika en die liggen in de Biotopo de Quetzal.
Woensdagmiddag ben ik eerst nog even naar San Jeronimo geweest voor het bezichtigen van een oude suikerfabriek. Oorspronkelijk was dit een wijngoed van een Dominicaans klooster, na de reconquista, met exquise wijn. Maar die zijn in de 19e eeuw het land uit gezet en daarna is het een suikerfabriek geworden van een Engelsman. Het spul doet het allemaal niet meer, maar de suikerrietpers en waterrad staan er nog en nog wat gebouwen en ketels. Het is nu een museum. Leuk om even door te brengen.
Vanochtend vroeg, 6:00 stap ik in de collectivo naar Chilasco. De helper van het busje vindt het maar vreemd dat ik haren op mijn armen heb en in mijn gezicht, dat leidt tot heel wat lachen. Inderdaad de lokalen hier hebben geen haren op de armen en nauwelijks baardgroei. Ik heb in diverse landen wel eens collectivos gezien, capaciteit 14 mensen die afgeladen waren en gedacht dat dat niet echt confortabel is. Maar nu zat ik er zelf in. Ik heb maar even geteld hoe vol vol dan is: 25 mensen en het hulpje op de buitentrap. Een voordeel: het is lekker warm, hier toch al niet zo een probleem, maar je hoeft je niet vast te houden, want bewegen gaat niet. En dat een uur lang. Wel gezellig.
In Chilasco is een kantoortje van het park, daar moet ik even wachten voor dat het om 7:00 open gaat. Dus raak ik aan de praat met Janet en haar moeder. Janet blijkt ook Foster kind te zijn van Plan, met Nederlandse Padrinos, dat is toevallig. Plan blijkt hier erg goed aangeschreven te zijn en mensen zijn erg blij met hun activiteiten.
Ik wordt zeer hartelijk ontvangen in het kantoortje, als enige toerist. Wendy wordt opgetrommeld, als mijn gids en ze krijgt een portofoon mee voor de veiligheid. Er schijnt een toerist verdwenen te zijn en dat willen ze niet nog een keer hebben. Wendy is 14 jaar en de oudste van een Marimba van kinderen, 9 in getal. De jongste is 9 maanden. Vader, 34 jaar, is ziek. De kindertjes moeten gevoed worden dus Wendy gaat na haar 10e jaar al niet meer naar school. Werken op het land en als gids. Het is nu laagseizoen, dus er wordt niet veel verdiend. Wendy is een pittige tante en we kletsen wel wat af in de 3 uur durende wandeling naar de watervallen en terug. Een prachtig pad door schitterende natuur, nevelwouden. We horen de Quetzal, maar zien hem jammer genoeg niet. Zou ook wel heel bijzonder zijn.
Om 11:00 zijn we terug. Toen ik besloot om koffie te gaan drinken rende Wendy ineens weg en kwam even later met een grote bak, veel te zoete, koffie aan. Zo hartelijk en gastvrij als de mensen hier zijn. En iedereen zegt goede dag. Ik vond Q35 voor zo een rondleiding wel wat erg weinig, dus dat is wat aangevuld. Gelukkig kreeg ze meteen na mij weer wat klandizie van Guatemalteekse klanten.
Ik ben overigens geheel van de backpackers route af en dat bevalt me eigenlijk ook wel weer. Het is wel aardig om deze mensen te ontmoeten, maar het blijft wel wat eenzijdig over dezelfde onderwerpen gaan: waar kom je vandaan, waar ga je naartoe, dat en dit is veel mooier en hoe lang ben je onderweg. En dat allemaal in het Engels. Ik moet nu wel Spaans spreken, want niemand spreekt hier Engels en het contact met de lokale mensen is veel ontspannener. Misschien ga ik maar eens niet de bekende plaatsen bezoeken, voor de laatste 2 weken, heowel dat bijna onvermijdelijk is. Ach we zullen wel zien.
De computer in dit hotel heeft wat beperkingen, dus de fotos komen later, zodra ik weer een vlotte PC tegenkom.
De foto´s toegevoegd:
http://picasaweb.google.com/recumbent.tom.picasa/CobanAndSalama#
Verapaz was na de Spaanse inval in het land erg weerbarstig en de Spanjaarden konden het Achi-Maya volk wat hier woonde niet onder de duim krijgen. Fray Bartolome de Las Casas, de apostel van de Mayas heeft dat werk voor elkaar gekregen door gewoon vriendschap met ze te sluiten, ze te Kerstenen en vervolgens over te leveren aan de macht van de Spanjaarden, als makke schapen, zou ik zeggen. De provincie heet Verapaz, echte vrede, naar deze actie. Alles hier, hotels restaurants e.d., staat in het teken van monnikken.
Coban is geen wereldschokkende stad, dus ben ik de volgende dag verder gereisd naar Salama, nog minder wereldschokkend, maar de plaats waar de ontmoeting met Waldemar gaat plaats vinden. Inmiddels heeft Plan akkoord gegeven op vrijdag als ontmoetingsdag.
Woensdag ben ik in Salama aangekomen, het eerste beste hotel dat me geschikt leek heb ik maar genomen, dit keer met wat uitgebreidere luxe, eigen badkamer. Samen met de eigenaar ben ik op zoek gegaan naar informatie hoe ik deze twee dagen door kan brengen. Het is woensdag feestdag, dus info is gesloten. We komen aan bij Francisco Guzman een muziek leraar, speciaal op de marimba, natuurliefhebber, gids, medeoprichter van de Biotopo de Quetzal etc. etc. Een bijzondere man. Hij laat ons genieten van zijn marimba muziek kennis en natuurkennis en adviseert mij om naar Las Faltas de Chilasco te gaan, de hoogste watervallen van midden Amerika en die liggen in de Biotopo de Quetzal.
Woensdagmiddag ben ik eerst nog even naar San Jeronimo geweest voor het bezichtigen van een oude suikerfabriek. Oorspronkelijk was dit een wijngoed van een Dominicaans klooster, na de reconquista, met exquise wijn. Maar die zijn in de 19e eeuw het land uit gezet en daarna is het een suikerfabriek geworden van een Engelsman. Het spul doet het allemaal niet meer, maar de suikerrietpers en waterrad staan er nog en nog wat gebouwen en ketels. Het is nu een museum. Leuk om even door te brengen.
Vanochtend vroeg, 6:00 stap ik in de collectivo naar Chilasco. De helper van het busje vindt het maar vreemd dat ik haren op mijn armen heb en in mijn gezicht, dat leidt tot heel wat lachen. Inderdaad de lokalen hier hebben geen haren op de armen en nauwelijks baardgroei. Ik heb in diverse landen wel eens collectivos gezien, capaciteit 14 mensen die afgeladen waren en gedacht dat dat niet echt confortabel is. Maar nu zat ik er zelf in. Ik heb maar even geteld hoe vol vol dan is: 25 mensen en het hulpje op de buitentrap. Een voordeel: het is lekker warm, hier toch al niet zo een probleem, maar je hoeft je niet vast te houden, want bewegen gaat niet. En dat een uur lang. Wel gezellig.
In Chilasco is een kantoortje van het park, daar moet ik even wachten voor dat het om 7:00 open gaat. Dus raak ik aan de praat met Janet en haar moeder. Janet blijkt ook Foster kind te zijn van Plan, met Nederlandse Padrinos, dat is toevallig. Plan blijkt hier erg goed aangeschreven te zijn en mensen zijn erg blij met hun activiteiten.
Ik wordt zeer hartelijk ontvangen in het kantoortje, als enige toerist. Wendy wordt opgetrommeld, als mijn gids en ze krijgt een portofoon mee voor de veiligheid. Er schijnt een toerist verdwenen te zijn en dat willen ze niet nog een keer hebben. Wendy is 14 jaar en de oudste van een Marimba van kinderen, 9 in getal. De jongste is 9 maanden. Vader, 34 jaar, is ziek. De kindertjes moeten gevoed worden dus Wendy gaat na haar 10e jaar al niet meer naar school. Werken op het land en als gids. Het is nu laagseizoen, dus er wordt niet veel verdiend. Wendy is een pittige tante en we kletsen wel wat af in de 3 uur durende wandeling naar de watervallen en terug. Een prachtig pad door schitterende natuur, nevelwouden. We horen de Quetzal, maar zien hem jammer genoeg niet. Zou ook wel heel bijzonder zijn.
Om 11:00 zijn we terug. Toen ik besloot om koffie te gaan drinken rende Wendy ineens weg en kwam even later met een grote bak, veel te zoete, koffie aan. Zo hartelijk en gastvrij als de mensen hier zijn. En iedereen zegt goede dag. Ik vond Q35 voor zo een rondleiding wel wat erg weinig, dus dat is wat aangevuld. Gelukkig kreeg ze meteen na mij weer wat klandizie van Guatemalteekse klanten.
Ik ben overigens geheel van de backpackers route af en dat bevalt me eigenlijk ook wel weer. Het is wel aardig om deze mensen te ontmoeten, maar het blijft wel wat eenzijdig over dezelfde onderwerpen gaan: waar kom je vandaan, waar ga je naartoe, dat en dit is veel mooier en hoe lang ben je onderweg. En dat allemaal in het Engels. Ik moet nu wel Spaans spreken, want niemand spreekt hier Engels en het contact met de lokale mensen is veel ontspannener. Misschien ga ik maar eens niet de bekende plaatsen bezoeken, voor de laatste 2 weken, heowel dat bijna onvermijdelijk is. Ach we zullen wel zien.
De computer in dit hotel heeft wat beperkingen, dus de fotos komen later, zodra ik weer een vlotte PC tegenkom.
De foto´s toegevoegd:
http://picasaweb.google.com/recumbent.tom.picasa/CobanAndSalama#
Subscribe to:
Posts (Atom)